Jagen

Ik jaag op bijzondere ontmoetingen, zoals kort geleden op Ameland. Ik had er niet op gerekend. Het gebeurde gewoon, ik keek haar recht in het gezicht, in die grote, glanzende bruine ogen. We schrokken en bleven stok stijf staan. Dertig seconden. Ze was mijn reis naar Ameland helemaal waard. En toen was ze weg met snelle, maar elegante sprongen, zoals alleen een ree dat kan.

De golden cowrie

Schelpen verzamelen is een van mijn allermooiste hobby’s. Geen groter genoegen om met feestdagen de tafel te versieren met een schaal Cowries of Conussen, of een paar Tritons van ieder wel dertig cm groot. Een schitterend gezicht. Een grote verzameling telt ongeveer drieduizend stuks. De mijne ongeveer achthonderd. Iedere schelp is een wonder. Vaak heb ik gedacht dat een schelp van twintig meter hoog, op een plein of boulevard, een prachtig architectonisch kunstwerk zou kunnen zijn. Ik denk dan aan de Mitra Mitra, wat mijter betekent, maar dat heeft er niets mee te maken. Ooit heb ik een schelp in Australië gekocht genaamd: Pecten Benedicti. Pecten is de soortnaam. Clams zeggen wij. Omdat ik Benedictus heet was ik natuurlijk behoorlijk begerig naar deze schelp. Hij kwam in een dikke envelop en in die envelop een zakje en in het zakje zachte papiertjes. Het volwassen schelpje was nog geen centimeter groot en lijkt op tientallen andere schelpen die ik al heb. Het verschil is dat Pecten Benedicti niet groter wordt dan zes à zeven mm. Voorheen dacht men dat dit een jonge uitgave was van een andere schelp. Zo zijn er in de wereld van conchologen (schelpenkenners) en verzamelaars schelpen die je moet hebben. Daar hangt een sfeer omheen van geheimzinnigheid. Bijvoorbeeld de Golden Cowrie (Cypraea Aurantium). Deze schelp wordt zeer gewaardeerd door verzamelaars en hij is bij lange na niet zo zeldzaam als de exorbitante prijs doet vermoeden; op het eiland Samar op de Filipijnen komt de schelp vrij veel voor. Maar de vraag is nog altijd groter dan het aanbod. Hij leeft in rotsachtige riffen en gaten op ongeveer twintig meter diepte. Hij is niet echt goudkleurig, maar eerder fuchsiarood tot dieporanje. De basis is rozebeige en de tanden zijn oranje getint. Vind-plaatsen: Filipijnen, Solomoneilanden en Fiji. Voor zo’n drie tot vierhonderd euro kan je soms een Golden Cowrie kopen. De prijs is dan bepaald door de grootte en zuiverheid van kleur. Lange tijd blijft de schelpen hobby zeer betaalbaar. Maar als je toe bent aan een Colden Cowrie moet er flink betaald worden. Doordat een vriendin schelpen verkocht in een tijd dat er nog niet streng werd opgetreden tegen de handel, kon ik steeds weer schelpen omruilen voor nog mooiere en zuiverder exemplaren. Wat uiteindelijk resulteerde in een heel mooie en gave collectie. Mijn eerste duik naar de zeebodem was op Curaçao. Ik was toen al jaren schelpenverzamelaar en eilanden hadden een grote aantrekkingskracht op mij.

Curaçao.

Voor het balkon van mijn kamer, wuivende palmen, de glas heldere blauwe Caribische zee, spic-en-span strandjes. Pelikanen, ibissen en tientallen soorten bont gekleurde vogels vliegen aan en af. Exotische vruchten en geheimzinnige cocktails, wiegende kontjes en iedere dag het wonder van de ondergaande zon. Alle plaatjes in de folders zijn waar. Ook de honderden roze flamingo’s bij het landhuis Jan Kok.

Verlangen

Verlangens zijn er in soorten en maten. Veel verlangens zijn dichtbij en makkelijk te verwezenlijken. Voor anderen moet je heel veel moeite doen en weer andere zijn zo goed als onbereikbaar. De eerste (onderste) laag van de Borobodor op Java is geheel gewijd aan wereldse verlangens, dit imposante bouwwerk stamt uit het jaar achthonderd, dus verlangens zijn niet van gisteren. Verlangens hoeven niet reëel te zijn. Dat is mooi. Zo verlang ik Catherine Keyl innig te kussen en zien wat er van komt of Liesbeth List met tranen in mijn ogen omhelzen en bedanken voor haar schitterende vertolking van Edith Piaf en feliciteren met haar benoeming tot officier de la Legion d’Honneur. Als je jong bent heb je andere verlangens. Dan gaat het om een sportauto of met de telefoniste van het bedrijf waar je werkt naar een eiland in de Stille Zuidzee te gaan. Of Xaviera Hollander als peetmoeder te hebben of het intense verlangen de altviool te bespelen. Wereldwijd succes hebben als kunstenaar, in de hoop dat het verlangen niet groter is dan het talent. Nu heb ik verlangens naar een mooi klimaat en goede gezondheid. Naar een biertje op een zomerse dag of een goeie espresso op een terrasje. Naar het geluid van kabbelend water of het geluid van grazende schapen. Ik denk er niet meer aan door de koningin bemind te worden of een harem te hebben en in een paleis te wonen. Het mag wel, maar het verlangen is niet groot. In een restaurant heb ik ook altijd verlangens of zijn dat verwachtingen? Ik wens of verlang dat ik welkom ben, een lekkere stoel en uiteraard goed eten en drinken. Daphne Bunskoek, daar verlang ik niet naar, zij ook niet naar mij, naar Hanneke Groenteman wel. Hoe reëel is het om na een goed glas wijn en een goed gesprek Hanneke even te mogen knuffelen en misschien te kussen? De kans is klein doch niet geheel onmogelijk. Iets moeilijker lijkt het verlangen naar de nieuwslezeres en fotografe, Sacha de Boer. Ze schijnt een vriend te hebben en daar gelukkig mee te zijn. Toch blijft mijn verlangen bestaan om dagelijks te bellen of te e-mailen over de rampen die ze vertelt of te filosoferen over haar prachtige foto’s. Een vriendin op afstand. Sommige mensen verlangen er naar de baas te zijn over andere mensen of verlangen steeds meer geld en als ze dat dan hebben willen ze nog meer. Een treurig verlangen. Ik ken mensen die dat jaren verlangd hebben en daar abrupt een punt achter gezet hebben. En met dat vele geld allerlei leuke dingen zijn gaan doen. Verzamelen bijvoorbeeld. En dan weer erg verlangen om die verzameling zo mooi of compleet mogelijk te krijgen.